woensdag 19 juni 2013

Een memorabel NK (met een katertje)

Allemensen, wat kan zo'n mahjongtoernooi toch spannend zijn!
Gewoonlijk speel ik bij toernooien een zeer ondergeschikte rol, maar sinds ik Abraham heb ontmoet lijkt alles anders. Met de kampioensbroche opnieuw op de kraag van mijn overhemd schoof ik aan bij tafel 9 voor de tweede dag van het Open Nederlands Mahjongkampioenschap. Als tweede in het tussenklassement hoop ik minimaal de beste Nederlander te kunnen blijven en zo Nederlands Kampioen te worden.

Uwe Pekau (DLD), Christiane D'Angelo (FRA) en Serena Porrati (ITA) verwelkomden me hartelijk aan deze 'Europese' tafel. Er werd zeer verdedigend gespeeld, maar Serena slaagde er - ondanks twee remises - in haar tafelgenoten in de min te spelen. Een flinke self-pick van 25 punten in het 9e spel leverde daaraan de grootste bijdrage. Mijn klassement was gebaat bij een inhaalrace. Met drie mahjongs in de laatste vier spellen kwam die er ook, maar Serena (de uiteindelijke nummer 3) kreeg ik niet meer te pakken.

Na een veel rijkere lunch dan gisteren arriveerde ik aan tafel 11. Chris Janssen, Neil Corné en clubgenoot Harry (Kal) waren de tegenstanders. Na vier spellen stond ik op 120 punten, dankzij een mooie self-drawn mahjong. Langzaam maar zeker begon Harry aan die voorsprong te knabbelen, totdat hij na de westenwindronde twee puntje op mij voor stond (van je clubgenoten moet je het maar hebben ...). Werk aan de winkel dus! Met het mes tussen de tanden knokte ik me in het laatste spel langs de Huizenaar en bracht m'n totaal op 20 tafelpunten. Het aantal mahjongpunten is hoog genoeg om de kop te nemen. Stel je toch eens voor, Eric als Nederlands kampioen!

Mijn belangrijkste belager voor die prestigieuze titel was Bert Claessen, een veelzijdige, door de wol geverfde speler. Hij stond 2 tafelpunten en de nodige mahjongpunten op me achter. Opnieuw aan tafel 11 trof ik de landgenoten Ton Rijnders, Oscar van den Nieuwendijk en de Vlaming Rudi Kopmanis. Rudi's spel ligt mij gewoonlijk niet en zo ook nu. Helaas voor mij ontrolde zich - een statistisch bezien - zeer onwaarschijnlijk scenario. In (slechts) 12 zeer behoudende spellen slaagde ik er niet in ook maar een enkele mahjong te maken. Mijn tafelgenoten regen de mahjongs (m.n. self-picks) echter aan elkaar, mij naar een kansloze nederlaag spelend. Uiteindelijk werd de score van -170 me fataal. Bert scoorde twee tafelpunten en passeerde me op de ranglijst dankzij een hoger aantal mahjongpunten.

In de eindstand duikelde ik om dezelfde reden naar een zesde plaats, relativerend bezien een zeer knap resultaat (hahaha).
Aty, Harry, Jeroen, Nino, Wil en Yvonne wil ik danken voor de aanmoedigingen, de steun en het medeleven. Het is heerlijk om lid te zijn van deze club.

Deze tekst verscheen eerder op de website van mahjongclub Bamboe Acht (met afbeeldingen en de uitslag)

Een dag vol 'wong'

Na lange tijd - sinds ons eigen Valentijnstoernooi - stond er weer eens een echt toernooi in mijn agenda. Op de Tile Hog Dutch Open wordt in twee dagen beslist wie een jaar lang als mahjongkampioen door het leven gaat. Het afgelopen jaar was dat Chris Scheffler, die achter vier buitenlandse spelers als beste Nederlander eindigde.

Van onze club gaven - behalve ik - Aty, Harry Jeroen, Nino, Wil en Yvonne acte de présence. Eerstgenoemde haalde me van station Hillegom af en mooi op tijd arriveerden we in LCC Zevenkamp, de speellocatie in Rotterdam. De andere 74 deelnemers waren ook present.

Vandaag stonden vier - van in totaal zeven - speelronden op het programma. Ik begon aan tafel 3 en trof daar NMB-voorzitter Anton Kösters, de Duitse Cornelia Capito en Aleksandr Baboesjkin uit Sint-Petersburg. Nadat Anton en Aleksandr elkaar een mahjong gunden pakte ik er zelf twee. Dat leverde me een aardige buffer op, maar omdat ik in de volgende 8 spellen nog slechts een keer wist te scoren verdween die als sneeuw voor de zon. Anton wist uit geslagen positie terug te komen door de laatste drie spellen te winnen.

In de tweede ronde ontmoette ik drie landgenotes aan tafel. Om en om haalden Sonja Meulendijk en ik winnende handen. Jack'lien Pilgram en Ans Hoogland hadden het nakijken. Halverwege maakte ik driemaal op rij mahjong, wat me een voorsprong opleverde die ik niet meer uit handen gaf. Met 255 punten won ik de tafel, wat me deed stijgen naar een 9e plek in de tussenstand.

Daarna bracht het loopschema mij naar tafel 5, alwaar ik voor het eerst in mijn carrière Caroline Kopmanis, een bevallige Vlaamse, trof. Gelukkig wist ik al niet meer dat zij het toernooi vorig jaar won. Ook tegen haar landgenoot Jos Dermout (3e bij de recreanten op het Valentijnstoernooi) speelde ik nog niet eerder. Eveline Broers, tenslotte, is een soort Angstgegner voor me. Na 9 spellen stond ik laatste. Maar met mahjongs in de 10e, 11e en 12e spellen draaide ik de rollen volledig om. De mooiste was een zelfgepakte drie oplopende zuivere pungen waarmee ik 120 punten kon bijschrijven. Ik had de luxe dat zowel een bamboe 3 als een bamboe 6 me deze fraaie combinatie zou opleveren, het werd een bamboe 3. Ondanks een valse mahjong (slechts 7 punten...) kwam mijn tafelwinst niet meer in gevaar.

Met 10 tafelpunten (uit 12) naderde ik ongetwijfeld de top van het klassement. De Française Mélanie Moreau prijkte met 12 punten bovenaan. En laat nu uitgerekend zij aan tafel 7 zitten... Ook Frauke Roos (Dld) en Dennis Boekstaaf zijn sterke spelers. Frauke pakt gedecideerd de kop door een fraaie selfpick van lower tiles, maar na 8 spellen zitten we weer op een zakdoek. Mélanie scoort vervolgens flink met een door mij weggegooide steen en lijkt er met de buit vandoor te gaan. Op het moment suprême maak ik echter hoekstenenchows met een vijvenpaar. Als ik in het allerlaatste spel dan ook nog all types maak met drie verborgen pungen zijn de 4 punten in de tas.

Ik ben de koning te rijk en sta nu (2e!) in het tussenklassement!

Hopelijk blijft de wong nog wat langer blij me....


Deze tekst verscheen eerder op de website van mahjongclub Bamboe Acht (met afbeeldingen).

donderdag 23 mei 2013

Aangename kennismaking met Abraham

Een week geleden bereikte ik de gedenkwaardige leeftijd van 50 jaar. Mijn oma en mijn petekind zijn in dezelfde week jarig en daarom vier ik mijn verjaardag gewoonlijk alleen met mijn gezin.

Ditmaal besloot ik het grootser aan te pakken. Daar ik een spelletjesliefhebber ben (met mahjong als favoriet) en veel van de mensen om mij heen eveneens, was de keuze voor een spelletjesdag een logische. Ik huurde de uitstekend geschikte Princehof af en bood mijn familie, vrienden en kennissen een spelletjesdag aan. Voor de mahjongspelers onder hen organiseerde ik een heus toernooi. De opzet verschilde van reguliere toernooien; de speler die in 11 spelletjes het vaakst mahjong haalde won simpelweg. Yvonne en Janie slaagden daarin liefst zeven maal. Yvonne haalde 6 ‘minipunten’ meer en won de speciaal voor de gelegenheid gemaakte trofee. Wat mij betreft was de hele dag een voltreffer en uit de reacties bleek dat velen die mening deelden. Zelf haalde ik in het toernooi geen enkele mahjong. Daarmee was het een slechte generale voor de finale om het clubkampioenschap, een dag later.

Samen met Yvonne, Jeroen en Wil had ik me – na een spannende competitie – geplaatst voor de play-off die de clubkampioen voortbrengt. Op de karakteristieke beginmaten van Richard Strauss’ Also sprach Zarathustra betraden wij, gladiatoren, de arena. Ik had mezelf voorgenomen nu eens geen slechte start te maken en nam daarom weinig risico toen het eerste spel op remise uitdraaide. Met een self-drawn bamboe 8 maakte ik daarna mahjong en toen ik ook het derde spel won had ik een aardige buffer. Mijn voorsprong fluctueerde sterk, maar steeds als die smolt wist ik gelukkig weer te scoren (vijf mahjongs in totaal).

In het op een-na-laatste spel maakte Yvonne een zelfgepakte mahjong waardoor ze me weer tot op 50 punten naderde. Ik kreeg de bibbers, maar vermande me. ‘Verpruts deze kans nu niet, Eric’, dacht ik bij mezelf. Ten koste van alles moest ik voorkomen dat Yvonne mahjong zou halen, maar hoe zorg je daarvoor?

Na een aantal beurten begon ik te vermoeden dat Yvonne speelde op een verweven straat, een gesloten hand met een grote kans op een zelfgepakte mahjong en waartegen nauwelijks verdediging mogelijk is. Jeroen (ringen) en Wil (tekens) leken beiden op weg naar een schoon (maar niet zuiver) spel. Wanneer een van hen mahjong zou maken, zelfs met een steen van mij, had ik grote kans op tafelwinst. Zelf bamboestenen sparend kon ik dus ringen en tekens wegdoen. Na een door mij weggegooide ringen 2 riep Jeroen plots ‘mahjong’. De 20 punten die me dat kostte kon ik hebben en zo pakte ik de begeerde titel. Geweldig!

Aan de Li-tafel ging Janie met de eer strijken. Ze gaf Heleen, Dini en Bernadet geen kans en won soeverein. Tijdens de prijsuitreiking klonk Queens We are the champions. En zo is het … wij Bamboe Acht’ers zijn allemaal kampioenen!

Deze tekst verscheen eerder - met afbeeldingen -  op de weblog van mahjongvereniging Bamboe Acht.

donderdag 25 april 2013

SAMEN

Zoals velen inmiddels weten houdt de Muziekbibliotheek van de Omroep (MCO-MB) per 1 augustus op te bestaan en zijn de 11 medewerkers baanloos. Om de collectie goed onder te brengen is geld en draagvlak nodig. Waar het management politieke paden bewandelt om dit te vinden, proberen de bibliotheekmedewerkers de maatschappelijke relevantie van de collectie aan te tonen.

Op zoek naar unieke bladmuziek haalde een collega recentelijk de partituur van een bijzondere compositie uit de kelder. Het betrof Zo nationaal, een lied geschreven door Pi Scheffer met een tekst van Jan de Cler. Op 30 april 1955 zongen vier presentatoren van showprogramma’s van ‘concurrerende’ omroepen om de beurt een couplet, waarna een refrein volgt dat hun samenwerking bejubelt (‘Zo’n grote eenheid vind je zelfs nog in Den Haag niet’). Het klonk in Sam Sam, een gelegenheidsprogramma van de gezamenlijke omroepverenigingen voor Koninginnedag, met ongetwijfeld de herdenking van 10 jaar bevrijding in 1955 een paar dagen later in het achterhoofd.

Dat ‘samen’ is 58 jaar later opnieuw het thema bij het meezingconcert van de inhuldiging van Koning Willem-Alexander. Daar zal – opnieuw op 30 april, opnieuw begeleid door het Metropole Orkest en ondanks de discussie erover – het Koningslied uit vele instrumenten en nog meer kelen klinken.

Het thema indachtig vroegen en kregen we toestemming van componist John Ewbank en arrangeur Tom Bakker om bladmuziek in diverse bewerkingen beschikbaar te stellen, zodat zoveel mogelijk musici, zangers, koren, harmonie- en fanfareorkesten het kunnen spelen (zie: www.speelhetkoningslied.nl).

Ook de studiemiddag van de muziekbibliothecarissenvereniging NVMB die ik gisteren bijwoonde stond in het teken van ‘samen’. In het Conservatorium van Amsterdam kwamen vele vormen van samenwerking naar voren in de lezingen van Ella Hueting (‘De musicus van de 21e eeuw’), Bert Aalders (Nationale Muziek Catalogus) en het duo Rob Coers en Jeroen de Boer (deskundigheidbevordering via www.muziekdingen.nl)

‘Samen’ is ook van toepassing op het gisteren in de Volkskrant beschreven plan voor een nationale bladmuziekdienst. De muziekcollecties van de MCO-MB, het Nederlands Muziek Instituut, het Koninklijk Conservatorium en de Openbare Bibliotheek Den Haag komen bij elkaar in een Nationale Muziekbibliotheek die in 2018 in de hofstad de deuren zou moeten openen. De Haagse cultuurwethouder Marjolein de Jong ziet er een ideale mogelijkheid in om de residentie nog sterker als cultuur- en muziekstad te profileren. Josine Meurs, opstelster van het plan, schetst 10 voordelen, waarvan efficiency en kennisbundeling de belangrijkste zijn. Voor ons spreken daarnaast de redding van de collectie, de bredere toegankelijkheid ervan en de voortzetting en uitbreiding van http://www.muziekschatten.nl/ (de collectie gedigitaliseerde bladmuziek) natuurlijk erg aan.

Wanneer we samen met musici (orkesten, ensembles, koren), cultuurwetenschappers (musicologen), muzikanten-in-opleiding (muziekschoolleerlingen, conservatoriastudenten), repertoirezoekers (dirigenten, concertprogrammeurs), bibliothecarissen en alle andere muziekliefhebbers zorgen voor draagvlak ontstaat er straks iets waardevols in Den Haag. En worden de eerder geciteerde woorden van De Cler c.s. gelogenstraft.



Deze blogtekst verscheen eerder - met afbeeldingen en samenvatting van het plan - op de website BiblioFuture

woensdag 10 april 2013

Waterkansje wordt reële mogelijkheid

De Chu-competitie zit er voor mij nu op. Tijdens voorgaande negen rondes wist ik tweemaal de tafel te winnen, maar meestal speelde ik partijen waarin ik - door eigen onhandigheid – niet de buit scoorde die voor het grijpen lag. Gelukkig liet de concurrentie – Yvonne behoorde daar met haar eenzame klasse niet bij – eveneens regelmatig steekjes vallen zodat ik zelfs in mijn laatste partij nog kansen had om me bij de beste vier te scharen.
Nu het er echt om ging slaagde ik erin om te doen wat nodig was: winnen. Met Wil, Leny (beiden uitgespeeld) en tafelgenote Aty in de stand boven mij was dat het enige devies. Fons scoorde weliswaar minder punten, maar hij loopt dan ook twee partijen achter op mij.
Na vier van de uiteindelijke vijftien spelletjes bleek al dat het een razendspannende aangelegenheid zou worden. Jan, Aty, Fons en ik verdeelden de mahjongs eerlijk. Een spelletje later was het verschil tussen Fons (1e, 26 p.) en mij (4e, -12p) slechts 38 punten.
Toen plaatste Aty een tussensprint met twee self-picks, waar ik er een tegenover kon zetten. Vervolgens gooide ze tweemaal de winnende steen weg en maakte Fons een zelfgetrokken mahjong, zodat alles weer in elkaar schoof.
Wijzer geworden na eerdere ervaringen koesterde ik mijn kleine voorsprong door het risico zo veel mogelijk uit mijn spel te bannen. De laatste twee spellen eindigden in zenuwslopende remises waardoor ik mijn puntenaantal naar 21 tilde. Marjolijn en Fons zijn de enigen die dat aantal nog kunnen bijeenspelen door minimaal 5 punten te scoren in twee rondes. Zij ontmoeten elkaar in de laatste inhaalronde, waarbij slechts een van hen de vier punten kan halen. Fons treft bovendien volgende week de koplopers Yvonne en Jeroen…
Uit het waterkansje van de afgelopen weken groeide dus een hoopvolle situatie.

In de Li-groep staan Dini en Heleen er zeer rooskleurig voor. Met nog twee speelronden voor de boeg hebben ze 7 resp. 6 punten voorsprong op de eerste kandidaat voor de play-off, José. Mieke en Bernadet hebben van haar iets meer gevaar te duchten, maar ook hun marge is vrij ruim (4 punten).


Deze tekst verscheen eerder op de weblog van mahjongvereniging Bamboe Acht.

woensdag 3 april 2013

Hu! doet ze het?

‘Ah nee, Yvonne!’ (of iets gelijkaardigs ;)) schalde gisteren door de speelzaal van de Princehof. Het was een kreet van frustratie uit mijn mond, die bij de andere tafels tot leedvermaak en herkenning leidde. Het betrof de situatie aan een van de twee ‘Chu-tafels’ waar twee van de zes inhaalpartijen werden gespeeld die meetellen in de strijd om de resterende plekjes in de play-off.
De aangesproken Yvonne is de sterspeler van de club en de enige die – met een straatlengte voorsprong – al zeker is van die finaleronde. Dat is niet vreemd en volkomen verdiend gezien het gemak waarmee ze doorgaans haar tafelgenoten verslaat.
Gisteravond waren Bertie, Kas en ik dus aan de beurt. Waar wij, noest werkend en combinaties schrapend, worstelden om mahjong te maken, reeg Yvonne die magische ervaringen schijnbaar achteloos aaneen. In 15 spelletjes lukte haar dat vijfmaal op eigen kracht (self-picks) en driemaal waren wij de leverancier. Tel daar een remise bij op en je weet hoeveel er voor haar slachtoffers resteerden.
Onverwacht blijken de twee tafelpunten die ik ondanks alles uit het vuur sleepte, mijn hoop op de play-off toch nog levend te houden. Annet slaagde er - met winst aan de andere tafel - in haar om een waardig eindresultaat te bereiken na een valse competitiestart. Mijn concurrenten Leny en Wil bleven daardoor op ‘schootsafstand’. Wanneer ik mijn laatste partij tegen Aty en Fons (en Jan) – ook serieuze concurrenten – zou weten te winnen dan speel ik op 21 mei misschien toch nog om de knikkers.


Deze tekst verscheen eerder op de weblog van mahjongvereniging Bamboe Acht.

donderdag 28 februari 2013

Pianist Henk WESTRUS overleden

HILVERSUM - Met het heengaan van pianist, arrangeur, orkestleider en componist Henk WESTRUS (1937-2013) verliest ons land opnieuw een veelzijdig omroepmusicus. Hij stond muzikaal gezien aan de wieg van het beroemde VARA-liedjesprogramma Kinderen voor kinderen, dat jaarlijks op televisie is te zien.

Henk Westrus kwam op 26 mei 1937 ter wereld in Haarlem. Al op zijn zesde was hij ervan overtuigd dat hij alleen maar muziek wilde maken. Al in zijn puberjaren schnabbelde hij bij Lou Bandy om de dure muzieklessen te betalen. Daarna vormde hij een trio waarmee hij in Scandinavische hotels klassieke en dansmuziek speelde. Hij ontmoette een Noorse die zijn levensgezellin werd. De altijd opgewekte Westrus was doordesemd met muziek; hij kon onmogelijk zonder en wilde alles kunnen spelen. Hij hield zijn klassieke techniek op peil met Beethoven, leerde jazz spelen door een jaar lang op te treden met blazer en mede-Haarlemmer Cees Smal en verdiepte zich ook in het specifieke Brecht/Weill-repertoire.

Carrière
Begin jaren '60 keerde Westrus terug in Nederland en kwam al snel in min of meer vaste dienst bij de VARA. Hij schreef muziek voor (politieke) radioprogramma's als In de Rooie Haan en Haagse bluf. Daarnaast begeleidde hij artiesten als Jasperina de Jong, Toon Hermans en Max Tailleur.
Als muzikale generalist genoot hij enorm van zijn deelname aan Pianistiek, de KRO-tv-inzending voor de Gouden Zeezwaluw-editie van 1976 in Knokke. Daarin deden acht Nederlandse pianisten (Jules de Corte, Louis van Dijk, Rob Agerbeek, Jaap Dekker, Daniël Wayenberg, Jan Wijn, Cor Cools en Henk Westrus zelf, dus) - alleen en samen - alle muzikale genres aan. Later werkte hij muzikaal mee aan de tv-shows van Sonja Barend, Rudi Carrell en Willem Ruis.
Zelfs vaklieden als Westrus opereren vaak in de schaduw van de artiesten die ze van muziek voorzien of begeleiden. Enige bekendheid geniet hij echter als muzikale vader van Kinderen voor kinderen.

Oeuvre
Voor de eerste editie (1980) van deze inmiddels 33 afleveringen tellende serie componeerde Westrus Verhuizen, De wrat en de jaarlijks opnieuw gearrangeerde begintune. De uitgebrachte elpee leverde Westrus een Edison op.

Wim Esseds arrangement voor de 3e editie (gezongen door Leonie Jansen) is digitaal beschikbaar. In andere afleveringen volgden o.m. de liedjes Tweelingen (1981), Gastarbeider (1982), Lui zijn (1983) en Wat ik worden wil (1987). De teksten waren in die gevallen van Jack Gadellaa.
Ook voor de geëngageerde liedjes in het politieke radioprogramma's In de Rooie Haan en Haagse bluf tekenden Westrus en (meestal) Gadellaa. Enkele titels: Ik ben Van Agt, Alleen de kiezer en D'66 adieu. Westrus componeerde daarnaast talloze herkenningsmelodieën (tunes) en jingles, onder meer voor Vijf tegen vijf, Sonja's goed nieuws show, Kieskeurig en Achter het nieuws.

Henk Westrus en de muziekbibliotheek
Als arrangeur had Westrus in het verleden zeer regelmatig contact met de muziekbibliotheek en kwam ook veelvuldig langs. In een interview vonden we de volgende passage uit een telefoongesprek: 'Mijn ideaal ligt dat niet op mijn naam in het archief? Nou, dat is óók wat, zou ik dat stuk een andere titel hebben gegeven... Laat ik eens even denken, of nee laat ik dat maar niet doen, dat geeft tóch niks. Ik kan jullie niet helpen, ik weet het niet'. Vervolgens tegen de interviewer: 'Ik heb er geen overzicht meer van, ik heb wel duizend dingen geschreven. Kijk, dan weet je dat niet meer, maar jammer is het wel, op die manier komen er dingen tussen wal en schip die misschien best wel leuk waren.'

Helaas weten we nog niet wie het Westrus-oeuvre na 1 augustus zal beheren... (zie Wie zorgt voor het muzikaal cultureel erfgoed?).

In mei 2007 werd Henk Westrus benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Op 26 februari overleed hij op 75-jarige leeftijd.


Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd op de website van de Muziekbibliotheek van de Omroep. Voor beeldmateriaal en relevante links klikt u hier